kabinet Rutte en minister van onderwijs
Overheid & wetgeving

KABINET RUTTE III EN ONDERWIJS

Rutte III, twee ministers van en voor onderwijs

Na een formatie periode van ruim 200 dagen is Rutte III een feit. Wat gaat er wijzigen voor de minister van OCW (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap)?

Gedurende de regeerperiode van Rutte II was Jet Bussemakers verantwoordelijk van 2012 tot oktober 2017 voor het ministerie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

In Rutte III komen er twee ministers, Ingrid van Engelshoven en Arie Slob. Ingrid van Engelshoven is aangewezen als minister van OCW (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) en krijgt de leiding over het departement. Van 2007 tot 2013 was zij voorzitter van D66 en zij maakte afgelopen maanden deel uit van het formatieteam van D66. Als onderwijswethouder in Den Haag was zij onder anderen voorstander van meerjarige brugklassen, zodat de leerlingen meer tijd hebben om te kiezen.

Voor het primair en secundair onderwijs (Basis- en Voortgezet Onderwijs) wordt Arie Slob minister. Dit is een nieuwe ministerpost. Arie Slob is onder anderen tien jaar leraar geschiedenis en maatschappijleer geweest in Amersfoort en Zwolle. Sinds 2001 is hij lid van de TweedeKamer voor de GPV en later Christenunie. Later werd hij fractievoorzitter van de Christenunie. Als kamerlid had hij onderwijs in zijn portefeuille. Slob verliet de tweede kamer tijdelijk in december 2015.

Om het onderscheid tussen Van Engelshoven en Slob aan te geven, wordt Slob minister van OCW VOOR Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media. 

Wat voor gevolgen deze nieuwe minister van OCW zullen hebben op het onderwijsbeleid, zoals lerarenbeleid, onderwijstijd en studiefinanciering is nog niet geheel duidelijk. Wel is duidelijk dat er in 2021, 1,4 mrd euro extra wordt geïnvesteerd in onderwijs. Een groot deel hiervan zal met name gebruikt worden voor salarisverhogingen (bron: CPB).

 

Voorlopig belangrijkste uitgaven voor onderwijs door Rutte III

Hieronder staat een opsomming van de belangrijkste uitgavenmaatregelen voor het onderwijs. Hierbij staat Lupsum voor de financiering van scholen door de overheid.

  • Primair onderwijs wordt met 0,4 mld euro verhoogd ten behoeve van de verlaging van de werkdruk, een intensivering bij het achterstandenbeleid en voor aandacht voor hoogbegaafde kinderen.
  • De lumpsumbekostiging van het primair onderwijs wordt verhoogd met 0,3 mld euro ten behoeve van een verbetering van de arbeidsvoorwaarden voor medewerkers in het primair onderwijs.
  • Netto-intensivering in fundamenteel onderzoek van 0,2 mld euro. Intensivering van taakstellend 0,2 mld euro in vroeg- en voorschoolse
  • Intensivering van 0,2 mld euro in het verlagen van het collegegeld voor eerstejaars studenten in het hoger onderwijs (en voor pabo-studenten voor de eerste twee jaar).
  • Intensivering van 0,1 mld euro om jongeren te stimuleren deel te nemen aan maatschappelijke activiteiten.
  • Intensivering van 0,1 mld euro in integratie/taalles.
  • Netto-intensivering van 0,1 mld euro in het voortgezet onderwijs ten behoeve 
van de kwaliteit van vmbo techniek.
    (bron: CPBanalyse economische en budgettaire effecten van de financiele bijlage van het regeerakkoord)

Bekijk hier  de portefeuille verdeling van de overige posten.

Zodra er meer duidelijkheid is over het beleid van onze nieuwe minister van onderwijs, zullen wij u via onze website hierover informeren.

 

Over de auteur

Artikelen